Nieuws uit de Brugse regio

Veiligheidsdebat in gemeenteraad: Landuyt praat oppositie KO


Audio Reportage

Volledige ongemonteerde "live" audio
Veiligheidsdebat in gemeenteraad: Landuyt praat oppositie KO
Brugge, woensdag 22/10/2014. In de Brugse gemeenteraad stond dinsdagavond op vraag van de oppositie een 'veiligheidsdebat' op de agenda, na enkele gevallen van 'zinloos geweld', waaronder uiteraard de moord op Mikey Peeters.

Ann Soete (N-VA) had bijvoorbeeld 'naar aanleiding van het debat vanwege de meerderheid, voorgezeten door een justitiespecialist dan nog, verwacht dat we op voorhand een visietekst zouden krijgen. Het aankondigingsbeleid via de media kennende van het College hebben we de ganse week tevergeefs in de kranten gezocht naar de neerslag van een persconferentie. Niets daarvan, opnieuw geen visie, zelfs wij worden het gewoon... Ik heb ook een vraag aan CD&V: in het federaal regeerakkoord werd een nultolerantie ingeschreven tegenover het bezit en gebruik van drugs. In een openbare ruimte kan er geen gedoogbeleid worden getolereerd. Zal de CD&V ervoor zorgen dat deze nultolerantie ook in Brugge wordt toegepast... '
Mathijs Goderis (sp.a) stelde namens de meerderheid dat veiligheid begint bij de burger zelf... 'Het veiligheidsbeleid van de stad legt hier dan ook grote nadruk op, met wijkgerichte politiezorg'. Op het vlak van bij preventie gaf hij onder meer BereBrugge als voorbeeld aan van een nuttig initiatief waarbij jeugdorganisaties jongeren informeren over de gevaren van alcohol. 'En een veilig uitgaansklimaat houdt ook in dat er veilige vervoersalternatieven voor handen zijn en wat dat betreft werkt het systeem van de avondlijn in Brugge zeer goed...'
Jasper Pillen (Open-VLD) stelde dat er 'elk weekend verschillende gevallen zijn van agressie, vechtpartijen, aanrandingen, diefstallen, … die meestal de pers niet halen... En toch blijft het wachten op een echt duidelijk veiligheidsbeleid... Als onze fractie vorig jaar hier in de gemeenteraad het verhaal bracht van de buschauffeurs van De Lijn, '
Guy Rogissart (CD&V) wenst 'een ketengericht veiligheidsbeleid waarbij de burger maximaal betrokken wordt....Die bestaat uit een kordate aanpak waarbij we concreet vragen om meer controle uit te voeren bij de verkoop van alcohol in nachtwinkels. Anderzijds moeten we nog meer investeren in een preventieve aanpak rond sociale vaardigheden en sociale controle. '
Voor Bruno Mostrey (Groen) start veiligheid dan weer bij meer gelijkheid: 'Er is minder vertrouwen tussen mensen in een ongelijke samenleving. Er zijn meer psychologische problemen en er wordt meer drugs gebruikt. Mensen zijn ongezonder en de levensverwachting is lager als er meer ongelijkheid is. Meer tienerzwangerschappen, meer gevangenen en zwaardere straffen. Minder sociale mobiliteit. En: er is meer geweld als de ongelijkheid groter is. Wetenschappers tonen aan dat de correlatie zo sterk is, dat het een causaal verband verraadt in het geval van geweld.'
Alain Quataert (VB) stelt vast dat 'een moord in Brugge tot voor enkele jaren nog dagenlang de kranten monopoliseerde, maar nu worden we berichtgeving over moorden in Brugge stilaan gewoon, de recente moord op de jongeman op de markt niet te na gesproken... Er zijn in de nadagen van de moord op Mickey Peeters nogal wat getuigenissen in de pers verschenen, over hoe het er in Brugge vanaf een bepaald uur 's nachts vaak aan toegaat, zaken die het stadsbestuur liever niet geweten heeft of toch zeker niet graag aan de publieke opinie bekendgemaakt ziet.'

Knock Out

Burgemeester Renaat Landuyt leverde dan een klaarblijkelijk overduidelijk antwoord, want de oppositie bleek letterlijk verstomd: daar waar men zich aan een stevig debat had verwacht, praatte burgemeester Renaat Landuyt (sp.a) de oppositie, die daarvoor onder meer stelde dat de stad geen echt veiligheidsbeleid zou hebben, compleet KO: nadat hij zijn krachtlijnen verduidelijkte, aan de hand van vaak letterlijke citaten uit de editie van 'Brugge Inspraak' van de maand mei, en nadat hij als enige nieuwe maatregel aankondigde dat de uitgaansbuurten zich mogen verwachten aan een nog strenger reglement over muziekvolumes, waarbij de horeca vanaf 3 uur wellicht verplicht zal worden om de muziekinstallaties uit te zetten, zweeg de oppositie in alle talen. Het was bij ons weten voor het eerst dat de oppositie in Brugge geen repliek had, in een belangrijk debat dat ze zelf op de agenda hadden gezet.

(FN-Eigen Berichtgeving/Foto: FN)

Originele teksten
Ann Soete (N-VA)



Mijnheer de Burgemeester, we hadden naar aanleiding van dit debat vanwege de meerderheid, voorgezeten door een justitiespecialist dan nog, verwacht dat we op voorhand een visietekst zouden krijgen. Het aankondigingsbeleid via de media kennende van het College hebben we de ganse week tevergeefs in de kranten gezocht naar de neerslag van een persconferentie. Niets daarvan, opnieuw geen visie, zelfs wij worden het gewoon. We hadden gehoopt om op voorhand enige cijfers te krijgen. Begin vorig jaar kregen we van de Korpschef in het Berek 3 een stand van zaken, met power point. Nochtans verklaarde de Burgemeester in de gemeenteraad van 26 februari 2013 en ik citeer letterlijk: 'Want ik vind dat de bevolking ook de juiste cijfers moet kennen en vooral daarrond ben ik in gesprek met de procureur, wil ik een maximale informatie kunnen geven omtrent de opvolging, zodanig dat de burgers zich niet in de steek gelaten voelen' (mondeling verslag).
Nu ja, de Bruggeling is het intussen gewoon. Behalve zwemmen in de Brugse Reien en blauwe fietsen die door niet Bruggelingen worden gebruikt - maar waarvan men mooie foto's kan maken- is het met een vergrootglas zoeken naar enige visie, enig beleid. Cruciale informatie over een meer dan belangrijk thema zoals veiligheid dat komt er niet.
We hebben altijd het gevoel gehad dat Brugge een uitermate veilige stad is, zeker als je dit vergelijkt met andere centrumsteden die meer zichtbaar geconfronteerd worden met criminaliteit, vandalisme en andere vormen van onaanvaardbaar gedrag.
Begin dit jaar zijn we evenwel allen op gruwelijke wijze geconfronteerd met zinloos geweld. De moord op Mikey is op heden bij de Brugse bevolking niet verwerkt, en terecht. We hebben toen omwille van het respect voor de nabestaanden geen debat willen voeren in de gemeenteraad en terecht. Anderzijds moeten we ons geen begoochelingen maken: zinloos geweld is van alle tijden en zal met de best bedoelde beleidsmaatregelen en preventie ook niet kunnen vermeden worden. Hiertegen is enkel harde repressie mogelijk of wenselijk en een goed justitieapparaat. Iets waar de federale regeringen en de diverse ministers van justitie gedurende de laatste decennia gefaald hebben.

Enige tijd later werden we naar aanleiding van een voetbalwedstrijd geconfronteerd met het op vrije voeten laten door de politie van twee criminelen (je kan ze niet anders noemen) enkele uren nadat ze een inwoner van deze stad bijna dood hadden geschopt. Een voorval dat bij de Brugse bevolking op zoveel onbegrip stootte dat het nefast is voor de geloofwaardigheid van een veiligheidsbeleid dat moet resulteren in een veiligheidsgevoel bij de burger. In verband met dit gebeuren werden er maatregelen aangekondigd. Ik zou van de burgemeester willen vernemen welke maatregelen er hiervoor op het veld effectief genomen werden en vooral welke reeds in uitvoering zijn?
Voor alle duidelijkheid wij hebben het volste vertrouwen in onze Korpschef en weten dat het werk van de politie niet altijd even dankbaar is.... Onveiligheid en onveiligheidsgevoelens staan hoog op de agenda van de burger en nemen een belangrijke plaats in het publieke debat in. Veiligheid is een legitieme basisbehoefte voor alle burgers. Het welzijn is onlosmakelijk verbonden met een gevoel van veiligheid en een veilige omgeving is een voorwaarde om andere activiteiten te kunnen ontwikkelen.
Het behoort daarom tot de kerntaken van de lokale overheid om veiligheid voor haar burgers na te streven.
Een onveiligheidsgevoel kan heel uiteenlopende oorzaken hebben: de angst om overvallen te worden, de verloedering van de leefomgeving, het vervagen van maatschappelijke normen, de moeilijkhedenverbonden aan een multiculturele samenleving, het gevoel in de steek gelaten te zijn door de overheid. Het voorbeeld dat ik zo even aanhaalde van het vrij laten van criminelen enkele uren nadat ze opgepakt werden is een schrijnend voorbeeld van de overheid die de burger in de steek laat!
De verschillende vormen van criminaliteit spelen uiteraard een belangrijke rol in het debat over veiligheid. Diefstal in al zijn vormen (handtasdiefstal, autodiefstal, winkeldiefstallen, inbraak, home en carkjacking) maakt de meeste slachtoffers. De angst om slachtoffer te worden van agressie (verbale agressie, achtervolging, geweld, seksuele misdrijven) is wellicht een van de grootste bronnen van onveiligheidgevoelens.
De aanpak van onveiligheid is niet alleen een kwestie van blauw op straat. Politie is maar één van de actoren in een integraal veiligheidsbeleid. Veiligheid, het bestrijden van onveiligheid en onveiligheidsgevoelens is een collectieve verantwoordelijkheid van alle leden van onze samenleving, ook van de inwoners van onze stad. In verband hiermee wil ik terugkomen op een interpellatie van onze collega Erik Lagrou tijdens de gemeenteraad van 26 februari 2013 en dit naar aanleiding van de inbrakenplaag in Koolkerke. Inbraken worden door onze inwoners terecht echt gevreesd. Je moet het zelf maar eens meemaken. Op een vraag van onze collega over uw houding tegenover de Bin's antwoordde de burgemeester toen dat hij geen principieel tegenstander is en dat hij dit wilde uitwerken samen met de politie daar waar er zich effectief een nood voordoet. Door de omzendbrief van toenmalig minister Turtelboom van 10 december 2010 werden de burgemeesters opgeroepen om initiatieven te nemen teneinde de oprichting van BIN's aan te moedigen. Mogen wij in dit verband vernemen van de burgemeester welke initiatieven in dit verband werden genomen? Wij weten enkel dat er naar aanleiding van enkele brandstichtingen in de horeca één of twee Bin's werden opgericht. Collega Lagrou informeerde ook naar de houding van het beleid inzake inbraakpreventievergaderingen U antwoordde toen dat u van plan was (erover nadacht) om bij manier van spreken een ronde van de burgemeester te doen naar al de deelgemeenten omtrent de veiligheidsproblematiek.
Mogen wij van U vernemen waar de ronde van de burgemeester reeds heeft plaatsgevonden en welke lessen hieruit werden getrokken?
Inbraakpreventie zou volgens de Beleidsnota gepromoot worden. Mogen wij vernemen welke concrete maatregelen hier genomen werden. Is het mogelijk om tegemoetkomingen te geven aan inwoners die investeren in inbraakpreventie? Je zal zeggen dat dit centen kost, ik stel voor om middelen die besteed worden aan het plaatsen van fietspompen her en der en andere onzin zoals 100.000 EUR voor een autoloze zondag, hiervoor te gebruiken. Het zal de bevolking alvast meer ten goede komen!
In hetzelfde antwoord verklaarde u afspraken te zullen maken met de Procureur des Konings, ook inzake informatie naar de burger. Mogen wij vernemen welke afspraken er gemaakt werden. Dat dergelijke afspraken noodzakelijk zijn bewijst de spijtige onmiddellijke vrijlating van de twee doodschoppers waarnaar ik zo even verwees.
Het handelt niet alleen over zware criminaliteit maar ook over gedragingen die bij de bevolking tot irritatie aanleiding geven. Denken we maar aan het drugsgebruik. Iedereen weet dat bepaalde parken en domeinen vrij frequent bezocht worden door drug gebruikers. Ik weet dat de SPA voorstander is van het legaliseren van drugs en dit zelfs in hun partijprogramma staan heeft. Een lid van onze gemeenteraad is hiervoor zelfs verantwoordelijk. Wij zijn voorstander om elk bezit van drugs in openbare plaatsen te sanctioneren, eventueel via GAS-boetes.
Ik heb in dit verband een vraag naar de CD&V: in het federaal regeerakkoord werd een nultolerantie ingeschreven tegenover het bezit en gebruik van drugs. In een openbare ruimte kan er geen gedoogbeleid worden getolereerd. Zal de CD&V ervoor zorgen dat deze nultolerantie ook in Brugge wordt toegepast.
Waarde Collega's, het onveiligheidsgevoel bij de burgers is geen gevolg van de viertal feiten en situaties die ik zo even opsomde. Ik wilde me evenwel beperken tot enkele in het oog springende feiten. Ik zou het bijvoorbeeld kunnen hebben over het feit dat een collega in mekaar werd geslagen tijdens een opendeurdag een bezoek bracht aan een door de Brugse belastingsbetaler gesubsidieerde instelling, omdat hij zijn taak als gemeenteraadslid wilde uitvoeren.
Ik wil het hierbij evenwel houden omdat ik hoop dat we eindelijk eens in deze gemeenteraad tot een echt debat zouden kunnen komen.

Mathijs Goderis (sp.a)

Wat ons betreft is veiligheid, net als leefbaarheid, een verantwoordelijkheid van iedereen. Wij staan achter het 'breed veiligheidsconcept' zoals beschreven in het beleidsprogramma. Veiligheid is het resultaat van een samenwerking tussen heel wat verschillende partijen: burgers, stadsdiensten, politie en gerecht, Horeca,… en ga zo maar door.
Een eerste stakeholder is uiteraard de burger zelf. Het veiligheidsbeleid van de stad legt hier dan ook grote nadruk op, met wijkgerichte politiezorg (of community policing). Dat doen we door de samenwerking tussen wijkagenten en gemeenschapswachten te verstevigen, en door de politie aanspreekbaar en bereikbaar te maken in de wijken. Daarnaast betrekken we burgers met buurtinformatienetwerken en via consultatierondes. We bevragen niet enkel het objectieve, maar ook naar het subjectief veiligheidsgevoel. Op deze manier worden concrete handhavingsprioriteiten bepaald. Maar het stopt niet bij het bevragen of betrekken van burgers. We stimuleren ook initiatieven om het sociale weefsel te versterken in de buurt. De Brugse buurtcheques zijn daar een mooi voorbeeld van. In een buurt waar men elkaar kent en vertrouwd voelt men zich veiliger. Ook dat is veiligheidsbeleid.
De stadsdiensten zelf zijn uiteraard ook betrokken partij. Het proper houden van de openbare ruimte is een cruciale taak van de deze diensten. Het is een eerste stap in het tegengaan van verloedering en verwaarlozing. Daarnaast staan de stadsdiensten ook in voor het preventiebeleid. Zo breed als veiligheid is, zo breed moet preventie zijn. Dat gaat van het voorkomen van slachtofferschap, tot het net houden van de buurt. Van het vergunningenbeleid dat stelt eisen voor kwalitatieve en veilige evenementen tot drug- en alcoholpreventie. Ik merk op dat de jeugdraad in dat kader recent nog de zeer geslaagde campagne lanceerde. De 'Bère Brugge' -campagne appelleert jongeren op hun verantwoordelijkheid zonder betuttelend te worden. Een voorbeeld dat navolging verdient, wat mij betreft. Daarnaast zijn er nog de talrijke initiatieven van de politie en de preventiedienst om de prioriteiten van het zonaal veiligheidsplan uit te voeren. Hier ligt de nadruk onder meer op overlast, inbraken en gauwdiefstallen.
Preventie is één zaak, reactie is een ander. Waarbij ook andere stakeholders aan te pas komen. Sinds het begin van de legislatuur werden de afspraken tussen politie, parket en stadsdiensten vernieuwd & verfijnd, en is er regelmatig contact. Het doel is duidelijk: tegenover elk bewezen feit moet een maatschappelijke reactie komen. De GAS-boetes worden ingezet voor zeer specifieke en welomschreven inbreuken zoals sluikstorten en wildplassen. Voor andere vormen van overlast werd dan weer een combitaks ingevoerd. Hardleerse overlastveroorzakers worden doorgestuurd naar het parket. Ook wie geweld pleegt mag rekenen op een gegarandeerde strafrechtelijke vervolging. Ik wil in dat kader even het volgende benadrukken: Wanneer bepaalde populaire of sociale media zouden insinueren dat er in Brugge een klimaat van straffeloosheid heerst, is niet alleen stemmingmakerij, het is vooral een aanfluiting van de werkelijkheid. Er is geen sprake van straffeloosheid.
Jongeren zijn een specifieke doelgroep in het veiligheidsbeleid. Het stadsbestuur zet zich in voor een veilig en positief uitgaansklimaat. Ook de Horeca zijn hier betrokken partij. Ik verwijs naar het buurtinformatienetwerk voor cafés dat in de maak is en naar de concrete afspraken die met uitbaters gemaakt werden. De technieken van community policing worden ook hier verder toegepast. De politie stelt zich open op en anticipeert op geweld in plaats van enkel te reageren.
Een veilig uitgaansklimaat houdt ook in dat er veilige vervoersalternatieven voor handen zijn. In Brugge werkt het systeem van de avondlijn zeer goed. Alleen kan men enkel terugkeren naar huis met de avondlijn, waardoor men verplicht is om zeer vroeg te vertrekken en in de praktijk nog te vaak zelf in de wagen stapt. Daar is er misschien nog een punt van verbetering mogelijk. Verder is er ook nog steeds geen bushalte aan het Entrepot. Ik weet dat het stadsbestuur en in het bijzonder onze schepen van mobiliteit daar al heel wat inspanningen voor gedaan hebben. Helaas staan de budgetten van De Lijn onder zware druk, wat dergelijke realisaties moeilijk maakt.
En zo kom ik bij een laatste aspect van veiligheid, namelijk verkeersveiligheid. Daarvan is iedereen stakeholder. We begeven ons allemaal in het verkeer en worden allemaal geconfronteerd met de gevaren er van. Ook hier gaan we preventief én waar nodig repressief te werk. Preventief, door het STOP-principe toe te passen bij de heraanleg van woonstraten volgens het STOP-principe. Repressie, door veelvuldige controles en handhavingsinspanningen. Die laatste zijn vooral gericht op de bescherming van de zachte weggebruikers.
Ik hoop dat ik hiermee duidelijk gemaakt heb dat veiligheid voor ons meer is dat het bestrijden van criminaliteit en niet enkel de verantwoordelijkheid van politie of preventiedienst. Een veilige stad is iets waar we allemaal aan moeten meewerken, burgers, ondernemers, stads- en politiediensten, … Daarbij zijn drie kernbegrippen cruciaal: samenwerking, verantwoordelijkheid en preventie.
Ik wil mijn betoog afsluiten met een laatste bedenking. De laatste maanden en jaren hebben er in onze stad een aantal tragische gebeurtenissen plaatsgevonden waarvan meestal jonge mensen het slachtoffer geworden zijn. Elk van de deze voorvallen, kent zijn eigen feiten, zijn eigen verloop. Het zou niet van respect of van verantwoordelijkheid getuigen om deze evenementen op één lijn te plaatsen of toe te schrijven aan eenzelfde oorzaak. De realiteit spreekt dergelijke analyses ook tegen. De uitgebreide berichtgeving rond deze gebeurtenissen zou het gevoel kunnen geven dat de onveiligheid in Brugge toeneemt. Het feit dat we hier vanavond debatteren over veiligheid mag dat beeld niet bevestigen. Dergelijke buikgevoelens zijn subjectief en stroken niet met de realiteit. In contradictie tot wat men op bepaalde sociale en populaire media suggereert, daalt het aantal geweldsdelicten in onze stad. Brugge, is als derde grootste stad van Vlaanderen, één van de veiligste steden van ons land. We moeten ons behoeden voor snelle conclusies die ons naar drastische maatregelen doen grijpen.

Guy Rogissart (CD&V)

CD&V wenst een ketengericht veiligheidsbeleid waarbij de burger maximaal betrokken wordt.
Die bestaat uit een kordate aanpak waarbij we concreet vragen om meer controle uit te voeren bij de verkoop van alcohol in nachtwinkels. Anderzijds moeten we nog meer investeren in een preventieve aanpak rond sociale vaardigheden en sociale controle.

CD&V Brugge is geschokt door de laatste extreme geweldplegingen in Brugge. In juni kwam een jonge mens om het leven door zinloos geweld. De fractie wenst zich dan ook aan te sluiten bij de vele Bruggelingen die spontaan op straat kwamen tijdens de witte mars door Brugge van woensdag 4 juni. We zijn zeer tevreden en verheugd over die spontane solidariteit van duizenden Bruggelingen. Brugge reageert solidair op dit zinloos geweld. De witte ballonnen tijdens de solidariteitswandeling door Brugge vragen om dit nooit te vergeten maar vooral opdat dit nooit meer zou gebeuren. Maar het gebeurde toch opnieuw….
Veiligheid is een fundamenteel recht voor elke mens. Het nastreven is een taak van de overheid en een zaak voor iedereen. Het stadsbestuur wil de veiligheidsproblemen aanpakken met een doortastend en geïntegreerd veiligheidsbeleid. We accentueren de verantwoordelijkheid van de mens in zijn gemeenschap en beklemtoont een evenwicht tussen rechten en plichten. We willen immers een bruisende en levende stad waar geen ruimte is voor criminaliteit en vandalisme.
CD&V fractie beklemtoont een ketengerichte aanpak. Vele kleine initiatieven kunnen leiden tot minder criminaliteit. De burger moet een zichtbare plaats krijgen in dit veiligheidsbeleid. Het is niet voldoende om te weten hoe en welke mate de onveiligheid zich voordoet. Het is evenzeer belangrijk om te luisteren naar hoe mensen dit subjectief ervaren en vooral begrijpen wat de verwachtingen zijn die mensen hebben rond dit veiligheidsbeleid. Zo kan men dan de juiste maatregelen nemen, bestaande uit een kordate aanpak maar vooral uit een preventieve aanpak.

Voor die kordate aanpak zijn er naast stad Brugge nog andere actoren in dit veiligheidsdebat.
Parket en politie spelen hierin een pertinente rol. De verschillende opdrachten moeten goed op elkaar afgestemd zijn, elkaar versterken en aanvullen om de doelstelling van algemene veiligheid te garanderen. Goede en duidelijke afspraken en communicatie zijn dan ook cruciaal.

We vragen zeer concreet om meer controle te doen op nachtwinkels bij verkoop van alcohol en sterke dranken. We horen dat dit nog te weinig gebeurd en er te veel misbruiken zijn.
Belangrijk is dat burgers klacht indienen zodat politie kan ingrijpen en gerichter onderzoek kunnen doen. Het zijn de minderjarigen zelf die moeten gehoord worden. Ouders of opvoeders moeten hun kinderen hierbij ondersteunen en sterk aanraden om dit te doen. We horen te vaak (bij politie) dat die klachten achterwege blijven.

Preventie is ook een belangrijk luik van een degelijk veiligheidsbeleid. Een juiste kennis van het veiligheidsgevoel bij onze burgers moet zorgen voor de correcte sensibiliserende en preventieve acties.

Wat denken sociologen over die extreme geweldpleging?
Sociologen hebben al veel onderzoek gedaan wat juist die vechtende jongeren bezielt om een slachtoffer dat weerloos op de grond ligt nog eindeloos na te trappen?

Twee vaststellingen:
De agressie neemt toe als slachtoffers in de greep zijn van hun aanvaller(s). Die laatste verklaren dat dit het moment is waarop ze helemaal los gingen en buiten zichzelf raken van woede.
Als bovendien de aanvallers gesteund worden door meer toeschouwers vergroot ook de kans op buitensporig geweld. Die groepssolidariteit versterkt als die toeschouwers familie van elkaar zijn.

Jongeren willen behoren tot een 'peer groep' en willen tellen in onze maatschappij. Vanaf puberteit is die groep belangrijk, veel belangrijker dan thuis. Bovendien willen ze vanaf 15-16 jaar zich afscheuren van thuis en ouders. Alles smelt voor die peer groep en ze willen een identiteit krijgen.

Preventie moet gericht zijn op sociale vaardigheden om burgers weerbaarder te maken.
Assertief zijn: durven iemand zijn die je bent. Stille, vriendelijke, timide of emotionele mensen moeten zichzelf kunnen blijven.
Weerbaarheid: jezelf blijven en weerbaar zijn tegen externe invloeden.
We moeten durven neen zeggen. Neen zeggen tegen overdreven alcoholische drank, drugs, geweld, …
Actief luisteren
Sociale vaardigheden opbouwen is een evidentie die niet alleen helpt bij veiligheid maar ook een steun is bij je job, verantwoordelijkheid nemen, ….

Preventie moet ook gericht zijn op sociale zorg voor elkaar. Het ligt niet in onze cultuur om in te gaan tegen geweld. Er is extreem geweld en we durven niet tussenkomen.
We moeten burgers meer overtuigen en stimuleren om die sociale zorg op zich te nemen en sneller bv politie te bellen of over te nemen waar het kan, zeker in je eigen vriendkring. Sociale vaardigheden moeten ons dan leren hoe we kunnen zorgen voor elkaar en op een verantwoorde manier kunnen tussenkomen. De peer groepen kunnen hier zeker een zeer belangrijke rol spelen.


Tot slot moet preventie zeer praktijk gericht zijn en met de juiste reden. Waarom we bijvoorbeeld niet drinken mag niet zijn om controles te vermijden maar wel om geen slachtoffers te maken in het verkeer. Met preventie moet men kunnen ervaren wat de gevolgen zal zijn van overdreven gebruik van drank. Ga naar scholen, verenigingen, jeugdbewegingen, buurtcomités …. maar ook naar fuiven, uitgangsbuurten… en doe korte prikacties om dit aan te leren. De concrete ervaring leert sneller en blijft hangen. Doe dit niet éénmalig maar herhaal die boodschap met creatieve acties met als rode draad een bruisende en levende stad op te bouwen waar geen plaats is voor geweld!
Een goed voorbeeld was op festival elements waar 'Bère Brugge' met promille brillen stond om proefondervindelijk te ervaren wat de gevolgen zijn van overdreven te drinken.
CD&V vraagt om nog meer controles uit te voeren bij verkoop van alcohol in nachtwinkels alsook gewone winkels. We roepen ouders op om met hun jongeren klacht in te dienen zodat politie gerichter kan werken.
CD&V vraagt om acties op te zetten om die sociale vaardigheden aan te leren en sociale zorg te concretiseren. Doe dit op een zeer praktijk gerichte manier.
Veiligheid is een verhaal van iedereen, overheid en burger, met rechten en plichten!

Bruno Mostrey ( Groen)

Een daad van zinloos geweld. Dat schrikt ons op. De Bruggeling blijft ietwat verweesd achter: 'Waar gaat dat naar toe?', 'Hoe kan zoiets gebeuren?', 'Waar eindigt dit?'...
Terechte vragen die niet vaak een echt antwoord verwachten, maar eerder een uiting van ontreddering zijn — 'Wat kunnen we doen?'. En bij het stellen van die vraag kijkt men snel richting politiek.
Elk geval van geweld is specifiek en heeft een eigen context, en ik zal hier niet ingaan op welk concreet geval dan ook. Dat is volgens mij ook niet de taak van een politieker. Wij moeten kijken naar maatschappelijke trends, veranderingen die breed genoeg voorkomen in onze samenleving. We moeten ze leren begrijpen. Dat doen we best niet door ons te laten meeslepen door de gevoelens van woede en verdriet die dergelijke trieste voorvallen met zich meebrengen en, zo mogen we wel aannemen, niet de beste raadgever zijn voor beleidsmakers.
Maar hoe losgeslagen het schip ook lijkt, er is meer houvast dan we soms durven denken. Verspreid over de wereld liggen ontelbare universiteiten en onderzoekscentra die veel onderzoek doen; en de resultaten en inzichten zijn dikwijls leerzaam en verhelderend. Ik vind het de plicht van politiekers om de vinger aan de pols te houden wat de wetenschappelijk inzichten betreft.

Richard Wilkinson en Kate Pickett, twee Engelse onderzoekers, wilden het fenomeen begrijpen waarom armere mensen meer gezondheidsproblemen hebben dan hun beter bemiddelde medemens. Ze wilden het grondig aanpakken en doorploegden stapels studies en karrenvrachten cijfers van over de hele wereld. Ze stootten echter op een andere correlatie; één die zeer sterk was en telkens opnieuw boven kwam.
Wat is nu deze correlatie? Tal van maatschappelijke problemen zijn sterk gerelateerd aan de mate waarin er ongelijkheid in de samenleving is:
Er is minder vertrouwen tussen mensen in een ongelijke samenleving. Er zijn meer psychologische problemen en er wordt meer drugs gebruikt. Mensen zijn ongezonder en de levensverwachting is lager als er meer ongelijkheid is. Meer tienerzwangerschappen, meer gevangenen en zwaardere straffen. Minder sociale mobiliteit. En: er is meer geweld als de ongelijkheid groter is. Deze wetenschappers tonen aan dat de correlatie zo sterk is, dat het een causaal verband verraadt in het geval van geweld.

Het hangt niet af van hoe rijk of arm een samenleving in zijn geheel is, maar wat bepalend is, is hoe groot de interne ongelijkheid is. Een rijke samenleving met meer ongelijkheid heeft meer problemen dan een samenleving, ongeacht of die arm of rijk is, waar meer gelijkheid is. Dit is een wetenschappelijk onderbouwde conclusie die we niet zomaar naast ons neer kunnen leggen.
Uitingen van geweld, hoe zinloos op het eerste zicht ook, zullen meer voorkomen als er meer ongelijkheid is. De psychologische en sociale mechanismen die hier achter zitten worden ook mooi uitgelegd in het boek 'The Spirit Level' van deze onderzoekers, maar 't zou ons wat te ver leiden om hier op in te gaan. Feit is dat er duidelijk uit blijkt: als de kloof tussen de armsten en de rijken binnen een samenleving wordt uitgediept, dat we er prat mogen op gaan dat er meer geweld volgt. Ik raad iedereen aan om die studie eens te lezen.
Omgekeerd kunnen we er uit leren dat de mate van ongelijkheid een koevoet is in de handen van beleidsmakers om het psychologisch en sociaal welzijn van de burgers te verbeteren. Als we als beleidsmakers inzetten op faire herverdeling en de grote uitwassen van ongelijkheid aanpakken, we ook zeker kunnen zijn dat het geweld (en de tal van andere genoemde problemen) zal verminderen.
Meer zelfs: iedereen wordt er beter van. Versta me dus goed: óók de rijken zijn beter af als de kloof niet te groot is. Rijken leven gezonder en langer! Nota bene: de ondertitel luidt onverhullend 'Why Equality is Better for Everyone'.
Betekent dit dat er totale gelijkheid moet zijn? Betekent dit dat er totaal geen ongelijkheid mag zijn? Duidelijk neen: een bepaalde mate van ongelijkheid is draagbaar voor een samenleving en haar individuen. Maar dit moet binnen de perken blijven.

Daarom, en dit overstijgt natuurlijk deze gemeenteraad, moeten we goed bewust zijn van het gevoerde federale en Vlaamse beleid. Toch wil ik aan de partijgenoten van partijen in die meerderheden appelleren: voer een fair herverdelend beleid. Zoek geen zondebokken die 'gestraft moeten worden'. De kosten die de samenleving zal moeten dragen als er meer tienerzwangerschappen zijn, als er meer uitbarstingen van geweld zijn, als mensen ongezonder zijn, als er meer psychologische problemen zijn, als er meer drugs gebruikt zullen worden, en ga zo maar door… zullen meer zijn, stukken meer, dan de uitkeringen optrekken tot boven de armoedegrens. Mensen duwen richting leefloon, zal op termijn de hele samenleving meer kosten.

En uiteraard ook aan de huidige Brugse coalitie richt ik volgende boodschap: laat je niet opjagen door oude rechtse recepten die niet meer maar net minder gelijkheid voor ogen hebben. Voer dus een sociaal beleid op de domeinen waar we impact op hebben. En voor zij die ook op Vlaamse of federaal niveau politiek actief zijn: weeg op dezelfde sociale manier op het beleid. Het is geen ijdel beleid: het is door wetenschappelijk onderzoek gesteund. Op een manier die ongezien is. Neem deze kennis ter hand en pak de koevoet vast om een waarlijk betere maatschappij uit te bouwen.

Dit is een betoog dat wat abstracter is ten aanzien van het Brugse veiligheidsbeleid in meer concrete zin. Maar ik vond het belangrijk om dit ook eens te brengen. Maar daarnaast hebben we met Groen Brugge ook enkele concrete bemerkingen waar ik nu even wil op ingaan.
Vooreerst: we pleiten stellig voor een uitgaanspolitie. Deze gemeenteraad, die ook politieraad is, is er al dikwijls mee geconfronteerd: de uitgaansbuurten kampen geregeld met problemen als vechtpartijen, overdreven dronkenschap, lawaai, etc. We hebben hier met Groen goed over nagedacht en we blijven voorstander van een uitgaanspolitie. We bedoelen hiermee een groep agenten die extra vaak ingezet wordt op uitgaansmomenten en die er extra voor opgeleid en gemotiveerd wordt. Doordat ze er voor uitgekozen zijn en doordat ze er vaak voor worden ingezet, leren ze het nachtleven kennen waardoor ze adequater kunnen ageren en reageren.
Nu is er een regeling die veel agenten heel af en toe eens een 'nachtshift' geeft in een visie die elke agent wat wil sparen van dit nachtwerk. Echter de nuttige ervaring die een agent opdoet door de praktijk is net cruciaal om gepast en kordaat te kunnen reageren bij uitgaansproblematieken. Bovendien is het dàn wèl de moeite voor deze agenten om speciale vormingen en opleidingen te volgen die hier specifiek over handelen, wat nu niet, of in elk geval minder, het geval is.
De functie van deze speciaal opgeleide agenten is bovendien dubbel: direct en gepast optreden bij geweldincidenten enerzijds, tegelijk een band opbouwen met de jongeren anderzijds. Het doorbreken van het stereotype dat nu soms leeft: van de agent als bullebak naar de agent die voor veiligheid zorgt.
Dat bouwen we niet uit in één, twee, drie. Maar ik stel voor dat we die kaart nu trekken om binnen een haalbare termijn zo'n actieve uitgaanspolitie te hebben.

Daarnaast willen we dat Brugge een krachtig beleid voert ten aanzien van geweldplegers
Laat de daders van geweld, of de letsels nu licht of zwaar zijn, aanhouden. Laat de beslissing tot aanhouding niet afhangen van hoe ernstig de gevolgen zijn; verkeerde vaststellingen of inschattingen zijn mogelijk, doktersattesten kunnen verkeerd zijn, of wat de één verstaat onder 'licht' is het daarom voor de ander niet.
Maar laat de al of niet aanhouding afhangen van het concrete delict: 'geweld'. Geweld is een ernstig delict, zelfs indien er geen slachtoffers (lees: gekwetsten) zouden zijn.
Daarom moeten er duidelijke afspraken gemaakt worden tussen de gemeente, Parket en politie.

Om te eindigen verwoord ik nog eens de kern van dit betoog: Dit is geen oproep om daders en hun misdaden te vergoelijken; maar hoe meer we als samenleving en beleidsmakers ongelijkheid tolereren, hoe meer daders we mogen verwachten. Dit wetenschappelijke feit negeren kan ik niet anders omschrijven als schuldig verzuim. Daarom deze oproep: laat je verleiden tot een doortastend sociaal beleid.

Alain Quataert (Vlaams Belang)

Eerst en vooral voel ik mij, in alle bescheidenheid, geen specialist ter zake die zich geroepen voelt om hier te vertellen hoe de politie zijn werk in de praktijk moet doen. Maar als lid van de gemeenteraad vind ik het wél nuttig om te stellen dat wij alle nodige middelen én vertrouwen moeten schenken aan het korps, opdat ons politiekorps zijn werk ook effectief kan uitvoeren zoals wij dat verwachten, ten bate van uw en mijn veiligheid, ten bate van de veiligheid van al onze inwoners en bezoekers.

Dat dit debat vandaag op de agenda staat, bewijst dat vandaag de dag niemand in Brugge nog ontkent dat er zich effectief een veiligheidsprobleem stelt. Het verleden is het verleden, maar er was een tijd dat onze gemeenteraadsfractie smalend weggelachen werd - heb ik vaak genoeg meegemaakt met onze vorige burgemeester en tijdens de vorige legislatuur , als waren wij onruststokers, kwaadsprekers die de burger een zinloos angstgevoel wilden aanpraten; herinner u het fameuze zogezegde gevoel van onveiligheid dat niet op feiten gebaseerd zou zijn, maar dat door ons enkel vanuit een negatieve ingesteldheid op de agenda geplaatst werd. Ik hoor het de vorige burgemeester nog zeggen, omdat hij het zo dikwijls gezegd heeft : 'Brugge is toch Chicago niet!'

Is Brugge anno 2014 dan al zo erg opgeschoven richting Chicago of andere steden met een bedenkelijke misdaadreputatie ? Natuurlijk niet, of ik mag toch hopen van niet. Maar waar bijvoorbeeld een moord in Brugge tot voor enkele jaren nog dagenlang de kranten monopoliseerde, dan worden we berichtgeving over moorden in Brugge stilaan gewoon, de recente moord op de jongeman op de markt niet te na gesproken. Die specifieke misdaad beroerde hevig de gemoederen en maakte veel emoties los, maar daarnaast waren er ook recente moorden in Sint-Kruis (Moerkerkse Steenweg, Maalse Steenweg), in Assebroek (Baron Ruzettelaan), in Zeebrugge (strandwijk) en misschien vergeet ik er nog enkele. Er waren ook enkele andere feiten van zeer zware agressie, die bijna faliekant afliepen voor de slachtoffers.

Kortom, stilaan maar zeker zegt de doorsnee Bruggeling niet langer dat zoiets overal kan gebeuren, maar toch niet in Brugge. En dat is jammer. In tal van folders en publicaties - in een ver of minder ver verleden - hebben wij de Bruggeling willen waarschuwen dat wat nog niet is, kan komen; dat Brugge geen eiland is; dat we niet zullen blijven ontsnappen aan bepaalde grootstedelijke problemen, als er niet én preventief én daarnaast daadkrachtig repressief beleid gevoerd wordt. Wel, vandaag zijn we zo ver : Brugge is inderdaad geen eiland meer, geen oase in de woestijn, geen veilige vrijhaven die gespaard blijft van de negatieve fenomenen waar de grotere steden, of intussen ook al de ons omliggende provinciesteden, wél volop mee geconfronteerd worden.

Dat dit misschien komt door het gemediatiseerd karakter van enkele dramatische criminele feiten, misdaden, dat doet er niet toe. De andere kant opkijken en het onveiligheidsgevoel van de doorsnee burger afwimpelen of weglachen, is geen ernstige, geen verantwoorde politieke houding meer, zoals het dat lange tijd nochtans geweest is. Het viel me daarbij in de positieve zin op, dat zowel de huidige als de vorige burgemeester, na de moord op Mickey Peeters, openlijk lieten noteren dat een bepaald uitgangspubliek met een bedenkelijke reputatie, afkomstig uit steden als Oostende, maar ook Mechelen of Leuven, hier in Brugge eigenlijk niet welkom zijn, niet gewenst zijn. We willen ze hier niet, laat ze blijven van waar ze komen, ze zijn niet welkom in het Brugse uitgangsleven! En inderdaad : we moeten dat openlijk en formeel durven zeggen, als het nodig is.


Eén en ander heeft natuurlijk te maken met het willen koesteren van ons positief imago naar de buitenwereld, met een toeristische sector in onze stad die misschien wel onze belangrijkste economische en werkverschaffende sector is en dus een positief imago nodig heeft. Dat begrijp ik, dat positief stadsimago is uiteraard belangrijk voor onze toeristische stad. Wat niet wegneemt dat we de problemen moeten durven benoemen, de oplossingen durven voorstellen die nodig zijn, ook al klinken die soms eens hard en passen ze misschien niet in ons imago van gastvrijheid, het zij zo.

Er zijn in de nadagen van de moord op Mickey Peeters nogal wat getuigenissen in de pers verschenen, over hoe het er in Brugge vanaf een bepaald uur 's nachts vaak aan toegaat, zaken die het stadsbestuur liever niet geweten heeft of toch zeker niet graag aan de publieke opinie bekendgemaakt ziet. En dat is dan weer fout, want een veiligheidsbeleid begint met een juist beeld te durven brengen van de realiteit, of die nu fraai is of niet. Ik denk dan bijvoorbeeld concreet aan het Astridpark, de botanieken hof, die overdag best aangenaam, mooi en in de zomer ook gezellig is, maar waar 's nachts zaken gebeuren die letterlijk en figuurlijk geen daglicht kunnen verdragen. De politie weet dat, het schepencollege weet dat, iedereen in de buurt weet dat, maar toch heb ik de indruk dat men de realiteit daar liever wat bedekt houdt en er niet teveel over spreekt. Daarom vermeld ik het Astridpark nu wel.
De buurinformatienetwerken, nog zoiets : over heel Vlaanderen zijn er intussen een 600-tal, maar hier in Brugge blijft het op uw weerstand botsen en is er het voorbije jaar met heel veel moeite her en der toch eentje toegelaten. Ik vermoed dat de vrees voor eventuele imagoschade van Brugge ook hier de reden is.
Nog een taboe : zaken die het OCMW-personeel regelmatig meemaakt, maar niet durft openbaar te maken. Ik ga ook geen details geven, maar het is dagelijkse kost dat vrouwelijk kuispersoneel denigrerend behandeld en toegesproken wordt, geïntimideerd wordt, terwijl ze hun job uitoefenen.
Dit gebeurt meestal door mannen die een ouderwetse machocultuur aanhangen en die wij hier nochtans al lang niet meer willen en mogen tolereren. Maar het gebeurt in Brugge, het is dagelijkse kost maar ook dat is één van de taboes in onze stad. En ook al komt er dan geen effectief fysiek geweld aan te pas, het is allesbehalve aangenaam voor wie het moet ondergaan en er niet durft over getuigen.

Rest me dan nog wat bedenkingen over ons politiekorps zelf, over de ondankbare omstandigheden waarin ze vaak moeten functioneren. Meer blauw op straat : wij willen het en veel collega's willen het. Maar wat als politiemensen weer eens moeten inspringen in de gevangenis, voor een cipiersstaking ? Wat met de enorme getalsterkte die vaak vereist is rond het Jan Breydelstadion en het inzetten van blauw op straat in de andere wijken op hetzelfde moment of de zaterdagnacht in de uitgangsbuurten bemoeilijkt ? Hier vormt het dossier nieuw voetbalstadion een kans, als er goed nagedacht wordt over een bezoekersmobiliteit en een infrastructuur die de beveiliging van het stadion en zeker ook de stadionomgeving mogelijk kan maken met minder manschappen dan nu het geval is in het Jan Breydelstadion, gelegen in een woonwijk met ontelbaar veel toegangswegen. Ook een politieman kan niet op twee plaatsen tegelijk zijn of ingezet worden. Maar als die bijkomende taken, die typisch zijn voor Brugge met zijn gevangenis, zijn huidig voetbalstadion, zijn asielcentrum, door een efficiënt veiligheidsbeleid van de stad en de hogere overheden, kunnen afgebouwd worden, dan pas kan het blauw op straat in Brugge evenwichtiger verdeeld en ingezet worden. Dit zijn enkele noodzakelijke randvoorwaarden voor een zo effectief mogelijke inzet van ons politiekorps.
Meer over Economie    Jongeren    Politiek    CD&V    N-VA    Groen    Vlaams Belang    Open VLD    sp.a    Renaat Landuyt    Jasper Pillen    Ann Soete    Toerisme    Horeca    Sint-Andries    Politie en Gerecht    Binnenstad    Ondernemen    Sociaal    Mathijs Goderis    
afdrukken Afdrukvriendelijke versie mailenMail permalink naar dit bericht

Reageer via Facebook of twitter

Tweet

Vandaag